English

 

1. DE JUISTE VOOROPLEIDING
Om tot de opleiding tot klinisch fysicus te worden toegelaten dient u in het bezit te zijn van een getuigschrift waaruit blijkt dat u het universitair masterexamen fysica met een goed gevolg heeft afgelegd. Daarnaast is een aantal andere universitaire masteropleidingen aangewezen (in combinatie met een specifiek benoemd certificaat) die gelijkwaardig worden geacht aan het masterexamen fysica, en dus eveneens toegang bieden tot de opleiding. 

2. OPLEIDINGSPLEK VINDEN
Ieder jaar, medio september, wordt door het Ministerie van VWS bepaald waar de opleidingsplekken in het jaar daarna beschikbaar zullen komen. Een lijst van instituten waaraan een opleidingsplaats is toegewezen kan worden gevonden via de website van Stichting BOLS.De toekenningsprocedure van opleidingsplaatsen kan per jaar veranderen. Kijk voor de actuele situatie op de site van het opleidingsfonds.

Vervolgens zullen door deze instituten vacatures gesteld worden; meestal (maar niet uitsluitend) aan het begin van het nieuwe kalenderjaar. Vaak zijn deze vacatures te vinden op de website van de NVKF (website NVKF - vacatures), maar houd ook de websites van de ziekenhuizen in de gaten.

Het aanbieden van een opleidingsplek is toegekend aan een selecte groep zorginstellingen. Deze is op te vragen bij het secretariaat van de Stichting OKF. Bij het aanbieden en het volgen van een opleiding moet door zowel de aanbieder (d.w.z. de zorginstelling) als de klinisch fysicus in opleiding aan een aantal eisen worden voldaan. Deze zijn geformuleerd in het Centraal Reglement Opleiding

3. PROCEDURE GOEDKEURING OPLEIDING

3.1 AANVRAAGFORMULIER OPLEIDING
Zodra u met een zorginstelling overeenstemming hebt voor een opleiding tot klinisch fysicus start de procedure om officieel goedkeuring voor de aanvang van de opleiding te krijgen van de Stichting OKF. Voordat deze goedkeuring is afgegeven bent u officieel nog niet in opleiding. Een reden om de opleiding niet goed te keuren kan bijvoorbeeld een onjuiste vooropleiding zijn.

De aanvraag tot opleiding dient ingediend te worden bij de Stichting OKF. Zorg ervoor dat u met de beoogd opleider het indienen van de aanvraag afspreekt. Hij/zij is uw eerste aanspreekpunt om het aanvraagproces succesvol te laten verlopen. Aan de hand van deze aanvraag beoordeelt het College van Toetsing tijdens een van haar vergaderingen of u in opleiding genomen kunt worden.

Hier is het aanvraagformulier te vinden.

3.2 OPLEIDINGSPLAN OPSTELLEN
Nadat het aanvraagformulier door de Stichting OKF is gecontroleerd op juistheid en volledigheid en indien in eerste opzet geen belemmeringen gezien worden voor de opleiding, woordt door het secretariaat van de Stichting OKF een digitaal dossier (portfolio) aangemaakt met voor u een toegangscode. Voor u deze ontvangt begint u al samen met de beoogd opleider met het opstellen van een opleidingsplan, zie ook het Centraal Reglement Opleiding. In onderstaande documenten staat algemene informatie over het schrijven en de toetsing van het opleidingsplan:

Dit reglement verwijst op inhoud door naar het curriculum.

Het opleidingsplan moet binnen 2 maanden na de beoogde startdatum van de opleiding toegevoegd zijn aan uw digitaal dossier en daarmee ontvangen zijn bij het secretariaat van de Stichting OKF, zodat het opleidingsplan getoetst kan worden door het College van Toetsing van de Stichting OKF. Bij het opzetten van een opleidingsplan wordt gevraagd dat u zich in redelijke mate houdt aan het format dat in het examenreglement aangegeven wordt.

Hier is een format te vinden voor het opleidingsplan.

Onafhankelijk van het opleidingsplan is het verstandig om afspraken te maken met de opleider over de besteding van het opleidingsbudget en dit ook vast te leggen in een begroting.

3.3 TOETSINGSGESPREK MET LEDEN COLLEGE VAN TOETSING
Nadat het College van Toetsing de aanvraag en het opleidingsplan heeft ontvangen en bestudeerd zal er een toetsingsgesprek plaatsvinden. Hierbij zullen minimaal u, uw opleider en twee afgevaardigden van het College van Toetsing aanwezig zijn. Eén van beide collegeleden is werkzaam op hetzelfde subspecialisme als waarop de opleiding zal plaatsvinden; dat is in de regel uw subspecialisme-coördinator, die gedurende uw opleiding vanuit het College van Toetsing uw eerste aanspreekpunt is.

De vergaderdata van het College van Toetsing worden aan het begin van het kalenderjaar vastgelegd.

Doel van het gesprek is kennis te maken en het opleidingsplan te bespreken. Naar aanleiding van dit gesprek kan het zijn dat er nog aanpassingen aan het opleidingsplan moeten worden gedaan. Na het goedkeuren (tijdens de eerst volgende vergadering van het College van Toetsing) van het plan, eventueel na aanpassing, kan de opleiding officieel van start gaan. Hierover krijgt u bericht van het College van Toetsing. Let wel: het College van Toetsing kan ook besluiten uw plan af te keuren of extra toelichting verlangen. In beide gevallen zal het College van Toetsing u advies geven wat te doen, met mogelijk een termijn. Als u besluit door te willen gaan met de opleiding, dient u zich te houden aan de opdrachten die u krijgt.

4. VOORTGANG VAN DE OPLEIDING
Gedurdende de opleiding moet ieder half jaar een voortgangsrapportage worden geschreven door de klinisch fysicus in opleiding. Aan de hand van deze verslagen volgt het College van Toetsing hoe de opleiding verloopt. We verwijzen u hiervoor naar het Centraal Reglement Opleiding en het Reglement Examen.

Hier is een format voor een voortgangsrapportage te vinden.

De voortgangsrapportage dient u toe te voegen aan uw digitale dossier. De voortgangsrapportages zijn bedoeld als een periodieke evaluatie van de opleiding voor de klinisch fysicus in opleiding en de opleiders. Mocht het College van Toetsing problemen constateren, dan zal het u daarop aanspreken. Aanzienlijke wijzigingen ten opzichte van uw opleidingsplan dient u eerst ter goedkeuring voor te leggen aan uw subspecialisme-coördinator. Bij langdurige ziekte of zwangerschap is het noodzakelijk om contact op te nemen met uw subspecialisme-coördinator voor het formeel aanvragen van uitloop van de opleiding. Indien nodig kunnen tijdens de opleiding extra gesprekken plaatsvinden.

Bij structurele problemen tussen de klinisch fysicus in opleiding en de opleider dient contact opgenomen te worden met de subspecialisatie-coördinator. Bij beëindiging van het contract gelden allereerst de normale arbeidsrechtelijke regels, zie ook het Centraal Reglement Opleiding. Een aantal tips om problemen in de voortgang van de opleiding te voorkomen vindt u hier.

5. EINDTOETSING
Aan het einde van de opleiding moet een aantal zaken geregeld worden.

5.1 AANVRAAG EINDTOETSING
Vanaf drie maanden voor de geplande einddatum kan de eindtoetsing aangevraagd worden in uw digitale dossier. Met het aanvragen van die eindtoetsing is het verstandig meteen uw verzoek in te dienen tot inschrijving in het registern van de Stichting OKF:

5.2 EINDVERSLAG OPSTELLEN
Enkele weken voor het eindgesprek dient het eindverslag opgestuurd te worden naar het College van Toetsing, zie het Reglement Examen. In feite is dit een laatste voortgangsrapportage voorzien van een extra hoofdstuk waarin teruggeblikt wordt op de opleiding en waarin kan worden aangegeven op welke punten, en waarom, van het oorspronkelijke opleidingsplan is afgeweken.

Een format voor het eindverslag is hier te vinden. 

5.3 EINDTOETSING - GESPREK 
Er zal een eindgesprek plaatsvinden tussen leden van het College van Toetsing, u en uw opleider. Op basis van de voortgangsrapportages, het eindverslag en het eindgesprek bepaalt het College van Toetsing of u erkend kan worden als klinisch fysicus en als zodanig opgenomen zal worden in het register van de Stichting OKF.